De atletiek gaf me mijn basis. Eén testdag gaf me een nieuwe sport. Zo belandde een atleet uit Heemskerk racend voor Nederland op de ijsbanen van Europa.
Sinds mijn zesde zit ik in de atletiek — een sport die me talloze kansen, vriendschappen en ervaringen gaf, en een uitlaatklep waar ik mijn energie kwijt kon en kon blijven werken aan verbetering.
Mijn weg was niet altijd vanzelfsprekend. Zoals veel atleten kreeg ik mijn deel aan blessures en tegenslagen. Die uitdagingen leerden me veerkracht, geduld, en het belang van focus op langetermijndoelen.
In het najaar van 2025 bleven meerdere trainingsmaatjes zeggen dat ik het bobsleeën moest proberen. Mijn fysieke profiel was net wat anders dan dat van de gemiddelde meerkamper: een groter, krachtiger postuur, maar met de explosiviteit en snelheid om op hoog niveau te presteren.
Toen kwam ik bij toeval op Instagram een aankondiging tegen van een testdag van de Bobsleebond Nederland. Zonder verwachtingen besloot ik het te proberen — en tot mijn verrassing kon ik direct meekomen met atleten die al actief waren in de sport.


Kort na de testdag nam de bond contact op: ze zagen het fysieke profiel van een bobslee-atleet en nodigden me uit voor een push-kamp. Dat kamp leidde tot een plek in het Nederlandse Europa Cup-team als remmer.
Tijdens het seizoen 2025/26 — mijn eerste in de sport — trainde en reed ik op internationaal niveau. Wat begon als iets nieuws proberen, werd al snel veel meer: ik werd volledig verliefd op de combinatie van snelheid, kracht, teamwork en technische precisie.
Vandaag heb ik de keuze gemaakt om me volledig aan het bobsleeën te wijden. De atletiek zal altijd deel van me blijven, maar mijn focus ligt nu op de spannende reis die voor me ligt.
Als remmer was mijn taak maximale snelheid genereren bij de start: explosieve kracht, sprintsnelheid en presteren onder druk. De taak van de piloot is anders — elke bocht uit het hoofd kennen, anticiperen voordat het gebeurt, en sturen binnen fracties van een seconde bij snelheden boven de 140 km/u. Het is een van de grootste stappen in de sport, die technische kennis, baanervaring, leiderschap en jaren van ontwikkeling vraagt. Dat is de uitdaging die ik ben aangegaan.
De Olympische Winterspelen van 2030 vinden plaats in de Franse Alpen, met het bobsleeën in La Plagne — een van de meest iconische banen in de sport. Mijn plan ernaartoe kent drie fases.
Starten met de pilotenontwikkeling, stuurervaring opdoen op internationale banen, fysiek en technisch blijven bouwen.
Mezelf vestigen als competitieve internationale piloot, uitkomen op EK- en WK-niveau, en een sterk Nederlands team om me heen bouwen.
Kwalificeren en uitkomen als piloot voor Team Nederland — en onderweg het bobsleeën zichtbaar maken voor een nieuwe generatie Nederlandse atleten.

Wanneer ik niet train of race, studeer ik Fysiotherapie aan de Hogeschool Leiden. Studie combineren met topsport vraagt discipline en toewijding, maar het verdiept mijn begrip van het menselijk lichaam, prestatie en herstel — en bouwt aan een professionele carrière naast de sport.
De twee werelden versterken elkaar. Wat ik leer over anatomie, belasting en herstel helpt me slimmer te trainen en blessurevrij te blijven — en wat topsport me leert over discipline, tegenslag en presteren onder druk, maakt me later een betere fysiotherapeut.
In mijn vrije tijd ben ik graag met vrienden en familie — bordspellen, kaartspellen, of gewoon bijpraten. Ik hou er ook van om buiten te zijn: wandelen, nieuwe plekken ontdekken, opladen in de natuur — van het strand bij huis in Heemskerk tot wandelen hoog boven de Noorse fjorden.
Voor mij draait succes in sport niet alleen om prestaties, maar ook om balans, verbonden blijven met de mensen om me heen, en genieten van de reis onderweg. De slee gaat het hardst als het leven eromheen op orde is.

Vóór het bobsleeën was er de atletiek: sprinten, springen, werpen. Die jaren bouwden de explosieve motor die ik meeneem naar het ijs — en een liefde voor trainen die nooit is weggegaan.
Een seizoen onderweg betekent lange dagen op de baan — en de mooiste momenten daartussenin: koffiestops, samen eten en een ploeg die als familie gaat voelen.
De sport brengt ons van Heemskerk naar Innsbruck, Winterberg en St. Moritz. Elke trip is hard werken — en tegelijk een kans om nieuwe stukjes Europa te ontdekken.